Kantonrechtersformule

Kantonrechtersformule
De kantonrechtersformule, oftewel: hoe bepaal ik het bedrag van een gouden handdruk?



Stel: u moet om een of andere reden een van uw medewerkers ontslaan. Het kan gebeuren dat u en uw werknemer het oneens zijn over het ontslag en dat u elkaar voor de kantonrechter treft. Mogelijk besluit de kantonrechter dat u als werkgever een ontslagvergoeding moet betalen, als deze hoog is beter bekend als de gouden handdruk. Hoe groot die ontslagvergoeding is, hangt af van een aantal factoren. Kantonrechters bepalen de hoogte van het bedrag sinds 1997 meestal aan de hand van een formule, die logischerwijs de kantonrechtersformule heet. Vóór 1997 bestond deze formule nog niet, waardoor de kantonrechters voor vrijwel identieke gevallen soms zeer verschillende ontslagvergoedingen bepaalden. De kantonrechtersformule voorkomt dit. De kantonrechtersformule is per 1 januari 2009 weer aangepast en ziet er nu als volgt uit:

De formule is weer te geven als A x B x C. We behandelen hieronder alle onderdelen stap voor stap:

A
A staat voor het aantal gewogen dienstjaren. Het dienstverband wordt altijd afgerond op hele jaren. De dienstjaren worden gewogen. Elk dienstjaar tot de leeftijd van 35 jaar telt een half keer. Voor elk dienstjaar van de leeftijd 35 tot en met 45 telten één keer. Elk dienstjaar vanaf de leeftijd van 45 tot 55 jaar, telt anderhalf keer. En vanaf 55 jaar telt elk gewerkt jaar voor 2 maandsalarissen.
Een voorbeeld: Theo Mits is 53 jaar en heeft 20 jaar bij hetzelfde bedrijf gewerkt. Het aantal gewogen dienstjaren wordt dan als volgt berekend:
 
Tot zijn 35ste 2 x 0,5 =1
Van zijn 35ste tot 45ste: 10 dienstjaren x 1= 10
Vanaf zijn 45ste tot zijn 53ste: 8 dienstjaren x 1,5 = 12
 
Het aantal gewogen dienstjaren is in dit geval 1 + 10 + 12 = 23.

B
De ‘B’ uit de kantonrechtersformule staat voor de bruto beloning per maand. Zo’n beloning bestaat meestal uit veel verschillende onderdelen, maar die worden niet allemaal meegenomen in de bepaling van de ontslagvergoeding. Doorgaans wegen de volgende onderdelen wèl mee:
 
  • Bruto maandsalaris
  • Dertiende maand
  • Vakantiegeld
  • Vaste ploegentoeslag
  • Structureel overwerk
  • Structurele winstdeling
 
Zaken als onkostenvergoeding, een auto van de zaak en het werkgeversdeel voor de ziektekostenpremie tellen doorgaans níet mee bij de bepaling van de ontslagvergoeding. Er kunnen zich echter uitzonderingen voordoen. De kantonrechter bepaalt in ieder individueel geval wat wel en wat niet wordt meegerekend.
 
Weer even een voorbeeld van de bepaling van ‘B’: Theo Mits heeft een bruto jaarsalaris van €40.000,-. Hij krijgt daarbij 3.000 euro vakantiegeld en een vaste ploegentoeslag van € 7.000,-. Per jaar krijgt hij dus €40.000,- + €3.000,- + €7.000,- = €50.000,- . Per maand is dat € 50.000,-: 12 = €4.166,66.

C
De ‘C’ in de kantonrechtersformule is de zogeheten correctiefactor. Daarbij draait het om de vraag wie de (meeste) ‘schuld’ heeft aan het ontslag. De kantonrechter kan kiezen voor een correctiefactor van nul of hoger. Factor nul wordt gehanteerd als de kantonrechter vindt dat een ontslagvergoeding niet nodig is. Dit is bijvoorbeeld het geval als de werknemer uit eigen beweging het dienstverband beëindigd en de werkgever daarbij niks valt te verwijten of de werknemer zelf schuldig is aan het ontslag.
Uitgangspunt voor de meeste ontslagvergoedingen is de correctiefactor 1. Er zijn geen bijzondere omstandigheden aanwezig die een hogere of lagere vergoeding rechtvaardigen. Geen van beide partijen valt iets te verwijten, maar de werkgever neemt het initiatief voor de beëindiging van het dienstverband.
Als de kantonrechter vindt dat werkgever verwijtbaar heeft gehandeld, dan kan hij kiezen voor een correctiefactor hoger dan 1.
 
Meestal geldt in de praktijk: als de werkgever en werkgever zonder al te veel onenigheid uit elkaar gaan, dan zal de kantonrechter correctiefactor 1 toepassen. Als de werkgever verwijtbaar heeft gehandeld, dan is de correctiefactor meestal 1,5 tot 2. Als de werknemer iets te verwijten valt, dan stelt de kantonrechter de correctiefactor doorgaans op 0 tot 1.
De kantonrechters houden vanaf 1 januari 2009 ook rekening met de arbeidsmarktpositie van de werknemer en de financiële positie van de werkgever.
 
Weer een voorbeeld: een voorbeeld hierbij geven is erg lastig, omdat de interpretatie van de rechter in dit geval voor een groot gedeelte doorslaggevend is.

Wat brengt ons dat in totaal?
 
De waarden van A, B en C waren in ons voorbeeld als volgt:
 
A. gewogen dienstjaren = 23
B. bruto beloning per maand = € 4.166,66
C. correctiefactor = 1,5 (voor het voorbeeld, de echte factor hangt van de rechter af)
 
De kantonrechtersformule is A x B x C. Even rekenen: 23x € 4.166,66 x 1,5 =  € 143.749,77
Theo Mits kan dus een ontslagvergoeding of gouden handdruk van € 143.749,77 tegemoet zien.

Kortom
De baas van Theo Mits is dus een flinke som geld kwijt door deze ontslagprocedure. Hier geldt weer het oude adagium: voorkomen is beter dan genezen. Probeer dus als werkgever goede afspraken te maken met uw werknemers. Ontslag krijgen is nooit leuk voor de werknemer. Maar ook u als werkgever zal waarschijnlijk nooit iemand ‘voor de lol’ ontslaan. Zorg daarom voor afvloeiingsregelingen of, bij ingrijpende reorganisaties, voor een solide sociaal plan.

Contracten CD
Veel documenten op één CD
24,50 Euro
De Documenten CD bevat een verzameling van contracten, documenten, overeenkomsten en officiële brieven voor zelfstandigen en freelancers, waaronder algemene leveringsvoorwaarden.

De documenten worden toegelicht en U kunt ze direct in uw tekstverwerkingsprogramma opslaan en aanpassen. De CD bevat 21 documenten, waaronder:
Leveringsvoorwaarden - Vennootschapsovereenkomst - Sommatie debiteur - Geheimhoudingsverklaringen - Concurrentiebeding - Freelance-overeenkomsten - Freelance-voorwaarden - Concurrentiebeding - Ingebrekestelling - Stageovereenkomst - Arbeidsovereenkomst - Agentuur/Handelsagent
© 2012 StartBedrijf.nl. Op dit artikel rust copyright, misbruik wordt bestraft.

 

Laatste nieuws